Waarom wordt de lekwaarde AH volgens ISO 15848-1 met vacuüm gemeten?
ISO 15848-1 wil een echte lekstroom vastleggen, niet alleen een gasconcentratie in de lucht. Bij de vacuümmethode staat de binnenkant van de afsluiter onder een bekende overdruk met helium, terwijl de buitenkant is aangesloten op een helium-lekdetector in vacuüm-mode. Die pompt alle vrijkomende helium af en zet het signaal direct om in een lekdebiet (bijvoorbeeld Pa·m³/s of mbar·l/s), en wordt daarbij vergeleken met een kalibratielek.
Bij een snuffeltest meet je vooral concentratie rond het lek, sterk beïnvloed door afstand, tocht en turbulentie. De vacuümmethode is veel gevoeliger, beter te kalibreren en minder afhankelijk van de operator. Daardoor zijn lekwaarden tussen verschillende laboratoria reproduceerbaar en goed vergelijkbaar, precies wat de norm beoogt.
Een lekwaarde in klasse AH is daarbij zó klein, dat deze praktisch alleen met de vacuüm-methode betrouwbaar gemeten kan worden.
Heb je vragen, of wil je gebruik maken van onze diensten? Neem direct contact met ons op, wij helpen je graag!